Etappe 6: met aankomst op La Planche des Belles Filles al dagen het gesprek

De zesde etappe van de Ronde van Frankrijk zal bij wielerliefhebbers en de klimmers uit het peloton al een tijdlang rood omcirkeld zijn. Met drie beklimmingen van de eerste categorie, waaronder de aankomst bergop in La Planche des Belles Filles,...

Etappe 6: met aankomst op La Planche des Belles Filles al dagen het gesprek

De zesde etappe van de Ronde van Frankrijk zal bij wielerliefhebbers en de klimmers uit het peloton al een tijdlang rood omcirkeld zijn. Met drie beklimmingen van de eerste categorie, waaronder de aankomst bergop in La Planche des Belles Filles, wordt het een rit om van te smullen.

En dat al in de eerste Tourweek, die doorgaans toch in het teken staat van lange, vlakke (en minder spannende) sprintetappes. De 160,5 kilometer lange rit van Mulhouse naar de aankomstplaats in de Vogezen is de eerste van vijf etappes met een finish bergop.

Na 2012, 2014 en 2017 wordt het pas de vierde keer dat de Tour La Planche des Belles Filles aandoet, maar de 1.140 meter hoge bergtop maakte snel naam.

In het eerste jaar boekte Chris Froome, toen nog knecht van Bradley Wiggins, er zijn eerste etappezege in de Tour, op precies dezelfde dag dat Peter Sagan in de groene trui met een wheelie de top bereikte.

Bekijk in de video hieronder de drie eerdere aankomsten in La Planche des Belles Filles:

De geblesseerde Froome zit dit jaar echter thuis. De winnaars van 2014 en 2017, Vincenzo Nibali en Fabio Aru, zijn wel van de partij en kennen de berg maar al te goed. Sterker, Nibali laat zijn klassementsambities afhangen van zijn prestaties vandaag.

Na-hup

Maar de aankomst is anders dan voorgaande jaren. "Er is nu nog een na-hup van een kilometer. En dat is echt een heel steil stuk", weet Herman van der Zandt, die voor zijn filmpjes over de dag van morgen voor De Avondetappe per fiets op onderzoek ging.

De presentator neemt ons mee naar de toegevoegde slotkilometer. "Vanaf de oorspronkelijke finish gaan de renners nu nog een keer links omhoog. Het eerste stukje is verhard, maar dan is er ongeveer 600, 700 meter onverhard. Een soort aangestampte, witte weg, waar je makkelijk kunt uitglijden als het nat is."

"En dan is er nog zo'n honderd meter over. Een geasfalteerde weg, maar wel een steile wand van 24 procent."

Dat wacht de coureurs allemaal in het slot van de zesde etappe. En dan hebben zij er al bijna 160 niet malse kilometers op zitten. Want voordat de coureurs aan die slotklim (7 km à 8,7%) beginnen, worden zij geteisterd door onder meer nog twee bergen van de eerste categorie: na 43,5 kilometer doemt Le Markstein (10,8 km à 5,4%) op, waarna ook de Ballon d'Alsace (11 km à 5,8%) zich laat gelden.

Showdown

"Je hoort de grote ploegen met klassementsrenners hier al dagen over. De showdown gaat hier plaatsvinden", vertelt Van der Zandt. "De verschillen in het klassement zijn heel klein, dus er kan zomaar iets gebeuren. Als je de aansluiting mist, ben je seconden kwijt."

En op wie moeten we dan letten? "Je hebt echt een punch nodig om deze etappe te winnen. Van Steven Kruijswijk weten we dat hij goed kan klimmen, maar niet per se op heel explosieve stukken. Egan Bernal van Team Ineos misschien wel. Iemand die nog kan poefen op het eind."

Een etappe dus waar de mannen zich van de jongens gaan onderscheiden. "En eentje waar je de eerste tekening gaat zien van tussen wie het deze Tour zal gaan."

En de klassementsrenners zullen zich vastbijten in de nog korte geschiedenis van La Planche des Belles Filles in de Tour. Want de renner die de voorgaande keren bovenop de berg het geel droeg, deed dat ook op de belangrijkste plek: de Champs-Élysées in Parijs.